Het spannende wedstrijdbeeld van de eerste race van de Supercar Challenge op Spa Francorchamps werd vandaag bepaald door twee safety car situaties. Tweemaal schoten coureurs uit de klasse er namelijk hard af op Eau Rouge, waarna de auto’s met de takelwagen afgevoerd moesten worden. Eerst was het Leo van der Eijk die rechtdoor schoot in Eau Rouge waarna hij met een harde klapper in de banden tot stilstand kwam. De Zilhouette liep hierbij zware schade op en Van der Eijk moest zelfs naar het ziekenhuis, waar een gebroken sleutelbeen werd geconstateerd. Een zware domper voor de jonge coureur, die eerder deze week nog opgenomen werd in het KNAF Talent First talentenprogramma. In het tweede gedeelte van de race liepen de bolides van Daan Meijer en Ronald van Loon schade op na een touché in Eau Rouge. De race zelf, die bol stond van de spanning, werd uiteindelijk gewonnen door Diederik Sijthoff en Alex van ’t Hoff.

Bij de start van de race was Alex van ’t Hoff goed weg. De Corvette-coureur kon zijn eerste positie behouden en kon meteen een voorsprong opbouwen van een paar seconden. Daarachter ontstond meteen een spannend gevecht, met Bert Longin, Robert de Graaff en Peter Versluis. Longin kwam in de eerste ronde onder zware druk te staan van dit tweetal en moest beide bolides dan ook voorbij laten gaan. Achter de top vier moest de Praga van Danny van Dongen en Simon Wagner al snel de strijd staken. Na de kwalificatie bleek de motor van de Praga van Danny van Dongen kapot en in de race viel de tweede Praga dus ook wederom vroeg uit. Hierdoor kwam Berry van Elk op de vijfde positie te liggen, en opende hij bovendien de aanval op Ferrari-coureur Bert Longin.
 
Van ’t Hoff kon zijn eerste positie consolideren, maar daarachter werd het tussen de ETEC-Viper en Peter Versluis zeer spannend. Zij kwamen namelijk in verkeer terecht, waarbij vooral Robert de Graaff meerdere seconden verloor. Versluis kon aansluiten en kon voorbij gaan aan de ETEC-Viper. Hierna kwam de safety car de baan op omdat Leo van der Eijk met zijn Zilhouette hard van de baan was gevlogen. Van der Eijk was met zijn Zilhouette op Eau Rouge hard in de bandenstapels beland en moest hierna zelf naar het ziekenhuis worden vervoerd. Daar werd een gebroken sleutelbeen geconstateerd. Ook de bolide zelf liep forse schade op. “We weten nog niet precies wat er is gebeurd”, verklaarde Van der Eijk sr. na afloop. “Ik heb Leo al wel aan de telefoon gehad en hij vertelde dat hij kort daarvoor wel een tik had gehad van een Seat. De auto voelde hierna volgens hem niet anders, op een vibratie door een eerder opgelopen flatspot na. Misschien dat Leo na de touché toch een lekke band heeft gehad ofzo, we weten het niet.”

 
De safety car zorgde meteen voor een spannende situatie, omdat deze vlak voor het begin van het pitwindow de baan op kwam. Iedereen maakte dus tijdens de safety car situatie zijn pitstop, waarvan diegene met veel strafseconden eigenlijk de dupe werden. Omdat het veld weer in elkaar was geschoven vielen zij veel posities terug. Vlak na de pitstops ging het bovendien meteen fout voor de op de tweede positie liggende Peter Versluis. “Mijn band klapte bij het aanremmen voor een bocht achterop het circuit waardoor ik de pitstraat wederom op moest zoeken”, legde Versluis na afloop uit. “Ik had tijdens de race wel wat last van onderstuur maar eigenlijk ging het toch wel goed. Ik denk dat het nog een mooie race had kunnen worden!”

Uiteindelijk kwam na de pitstops Philippe Ribbens op de eerste positie te liggen. Ribbens had bovendien een voorsprong van meer dan tien seconden op zijn achtervolgers, en er leek voor de bestuurder van de ETEC-Viper dan ook geen vuiltje aan de lucht. Totdat echter bleek dat de pitstop van het team te kort had geduurd en Ribbens een drive through penalty aan de broek kreeg. “Op onze camerabeelden is te zien dat we er echt 1 minuut en 26 seconden over hebben gedaan om de pitstraat in en uit te rijden”, vertelde Ribbens na afloop. “De tijdwaarneming van het circuit gaf echter 1 minuut en 23 seconden aan. We snappen het dan ook niet echt, maar ja.” De Viper-coureur viel hierdoor terug op de vijfde positie, achter Roger Grouwels in de RaceArt-Mosler. Om de eerste positie werd het hierdoor nog spannend, want Berry van Elk was snel onderweg en had achter zich aan Bert Longin in de Ferrari. Hierachter kwam echter Diederik Sijthoff snel naar voren rijden, en hij kon zonder veel moeite de eerste positie overnemen. Van Elk viel hierna bovendien terug, omdat zijn Mosler met elektronicaproblemen te kampen kreeg. Uiteindelijk moest van Elk zijn Mosler in de pitstraat parkeren.

In de slotfase van de race kwam de safety car nogmaals de baan op, ditmaal omdat Ronald van Loon en Daan Meijer met elkaar in contact waren gekomen. Na deze SC-situatie ontvouwde zich nog een sprintrace op de tweede positie. Bert Longin had deze positie in handen, maar hij stond onder zware druk van Corvette-coureur Ardi van der Hoek. Longin kon lang stand houden, maar uiteindelijk bleek de busstop-chicane voor Longin de scherprechter. In de laatste ronde verremde Longin zich hier, waarna de Ferrari en de Corvette als zijnde een dragrace richting de finishstreep reden. De Corvette had hierbij voordeel van zijn koppel en pakte hierdoor nog net de tweede plaats van Bert Longin af.

In de GT-divisie had Jan van der Kooi een zeer goede start. De Lotus-coureur pakte brutaal de eerste positie over van Mégane Trophy met Nick Catsburg achter het stuur, en kon die eerste positie verschillende ronden vasthouden. Hierna ging het echter fout voor Van der Kooi. “Ik had een goede start, waarbij ik in de eerste ronde de Mégane van Nick Catsburg in kon halen. Ik kon hierna voor Catsburg blijven, en tussen ons zat ook nog de Corvette van Danny Werkman”, vertelde Van der Kooi. “Ik had eigenlijk net bedacht om het rustiger aan te gaan doen, want ik had minder strafseconden als de Mégane. Ik was van plan om de Werkman en Catsburg voorbij te laten gaan, zodat ik hierna kon proberen om bij de Mégane aan te haken. Net op dat moment besloot Werkman om een gewaagde inhaalactie te plaatsen. De Corvette raakte mij hierbij op mijn achterwiel waardoor ik schade opliep en de pitstraat op moest zoeken.”

Nick Catsburg kwam hierdoor op de eerste positie te liggen, met daarachter Wolf Nathan, Barry Maessen, Pim van Riet en Bert Redant. Na de pitstops had Jaap van Lagen het stuur overgenomen van Wolf Nathan en kon hij door zijn geringe aantal strafseconden op een solide eerste plaats terecht komen die hij in het vervolg van de race ook niet meer afstond. Na de pitstops ontstond er om de tweede positie een spannend gevecht tussen de Mégane Trophy, waar de Engelsman Munemann achter het stuur was gekropen, en de BMW silhouette van Pim van Riet. Van Riet kon lang aandringen bij de Mégane, maar ging uiteindelijk door een oliespoor in de rondte. “Er lag in La Source een oliespoor van een Aston Martin die vlak voor ons was stilgevallen. Die Mégane schoot hierdoor rechtdoor en ik ging zelfs in de rondte. Ik heb denk ik wel drie 360’s gemaakt!”, verklaarde Van Riet achteraf, die hiermee tien seconden en de aansluiting met Munemann verloor.

In de GTB-divisie van de Supercar Challenge had René Wijnen een goede start van de race. De Porsche-coureur was het beste weg en kon lange tijd de eerste positie in handen houden. Wijnen kwam hierna onder zware druk te staan van Jacky van der Ende, Daan Meijer en Erol Ertan. Uiteindelijk zorgden de pitstops ervoor dat Wijnen verder in het veld terugviel. “De pitstop heeft ons inderdaad de das om gedaan. We hadden 25 strafseconden en omdat de safety car op de baan was verloren we veel posities”, legde René Wijnen na afloop uit. “Maar we zijn nu in ieder geval weer aardig wat strafseconden kwijt dus we kijken nu al uit naar de race op zondag.” Ook voor Jacky van der Ende verliep de pitstop niet vlekkeloos, want zij verloren door de hectiek in de pitstraat veel seconden. “Ik verloor denk ik wel dertig seconden bij de pitstop, omdat Barry besloot om tegelijk met mij naar binnen te komen”, aldus Van der Ende. “Het team concentreerde zich op de Viper, omdat die ook moet tanken. Ik stond dus maar te wachten, en viel hierdoor terug van de eerste naar de zesde positie.”

Verrassende koploper na de pitstops was Kees Kreijne met zijn Aston Martin. Kreijne had zich door problemen met zijn differentieel niet kunnen kwalificeren en had uit Engeland speciaal een langer differentieel laten komen om onder zijn Aston Martin te monteren. Kreijne was de race dus in het achterveld gestart, maar reed zeer snelle rondetijden en kwam dus omdat hij geen strafseconden had na de pitstops zelfs op de eerste positie te liggen. Kreijne stond die eerste plaats niet meer af, maar mocht van geluk spreken dat hij de race uit kon rijden. “Na de laatste ronde kwam ik stil te staan, want ik had geen benzine meer!”, aldus Kreijne.

Om de tweede positie werd na de pitstops zwaar gevochten. Carlo Kuijer was op een knappe tweede plaats terecht gekomen, maar hij stond onder zware druk van Erol Ertan, Nelson van der Pol en Daan Meijer. Meijer schakelde zich uit deze groep zelf uit, want hij waagde in Eau Rouge een inhaalactie op achterligger Ronald van Loon waarbij beide auto’s elkaar raakten en met schade langs de baan kwamen te staan. “Een rare actie, want je gaat een achterligger niet inhalen in Eau Rouge. Dat is veel te gevaarlijk, doe dat dan op het rechte stuk erna bijvoorbeeld”, aldus een teleurgestelde Van Loon na afloop. De hierna ontstane safety car situatie bracht het veld van de GTB-divisie weer verder bij elkaar en uiteindelijk verloor Kuijer hierdoor zijn tweede positie aan Nelson van der Pol en Erol Ertan. Zij mochten dus voor de tweede en derde positie het podium beklimmen.

De Supersport-divisie van de Supercar Challenge was ook uitermate spannend. Bij de start van de race pakte Peter Stox brutaal de kop, en had hij wel zeven auto’s achter zich aan. Marcel Norbart slaagde er met zijn Seat Leon SuperCopa al snel in om aan de auto van Stox voorbij te gaan, maar daarna kon Stox meerdere ronden stand houden. Onder andere Koen Bogaerts, Ferry Monster, Luc de Cock en Leo van der Eijk meldden zich aan de staart. Bogaerts en Monster konden na een paar ronden aan Stox voorbij gaan en reden hierna weer richting Marcel Norbart. Norbart kwam onder zware druk te staan van dit tweetal, maar het duurde tot de zevende ronde totdat Koen Bogaerts erin slaagde om aan de Seat Leon SuperCopa van Norbart voorbij te gaan. Hierna kwam door de crash van Van der Eijk de safety car de baan op en werd het veld door de pitstops aardig door elkaar geschud. Norbart kwam hierdoor weer op de eerste positie terecht, voor Luc de Cock, André de Vries en Robin Monster. Voor Van Soelen en Bogaerts, voor de pitstops nog koploper in de wedstrijd, verliep het tweede gedeelte van de race minder voortvarend. Zij moesten namelijk met motorproblemen de wedstrijd staken.

Robin Monster was in de tweede fase van de race snel onderweg en kon zowel André de Vries als Luc de Cock inhalen. Hierna reed Monster richting merkgenoot Marcel Norbart, die zijn Seat goed breed kon maken en Monster niet de mogelijkheid gaf om hem in te halen. Het leek er dan ook op dat Norbart zijn eerste overwinning van het seizoen binnen zou halen, maar in de laatste bocht lukte het Monster toch nog om aan de Seat van Norbart voorbij te gaan. “De Seat lag vandaag echt supergoed, niet te geloven. Ik heb in het tweede gedeelte van de race wel flink moeten trappen, want Marcel Norbart ging ook erg hard. Dit was wat je noemt een echte fotofinish”, aldus Robin Monster. Het verschil tussen de nummers één en twee bedroeg op de finishlijn slechts 0,055 seconde! De derde plaats ging uiteindelijk nog naar André de Vries en Peter Stox, waarbij het De Vries in de slotfase nog was gelukt om de Lotus 2/11 GT4 van Luc de Cock in te halen.

Spa Franchorchamps maakte tijdens de tweede race van de Supercar Challenge zijn reputatie weer eens waar. Was het in de eerste race nog zonnig en droog, in de tweede race kwam de regen met bakken uit de hemel. De race werd dan ook gestart achter de safety car, waarna uiteindelijk VeKa Racing de race met een eerste plaats voor Peter Versluis en een tweede plaats voor Bert Longin voor zich opeisten. Jan Van der Kooi en Bert van der Zweerde waren echter de smaakmakers in de race, met voor Van der Kooi een derde plaats en voor Van der Zweerde een zesde plaats algemeen. Opmerkelijk was ook de prestatie van Jacky van der Ende, waarbij tijdens zijn stint het gaspedaal van zijn BRL afbrak waarna Van der Ende trekkend aan de gaskabel met zijn hand gas gaf. De BRL-coureur eindigde ondanks deze problemen op de tweede plaats in zijn klasse.

De weersomstandigheden op Spa Franchorchamps waren zeer slecht. Het regende onafgebroken en de race voorafgaand aan de Supercar Challenge, die van de Formula 2, werd zelfs door de regen voortijdig afgebroken. Besloten werd dan ook om de race van de Supercar Challenge achter de safety car te starten, zodat het veld uitgestrekt werd en iedereen kon wennen aan de verraderlijke omstandigheden. Diederik Sijthoff kon bij de start van de race profiteren van zijn pole position, omdat hij geen last had van de spray van zijn voorliggers. De Corvette-coureur sloeg dan ook meteen een gat met zijn achtervolgers, zijnde Nol Köhler in de Corvette C5.R GT1, Bert Longin in de Ferrari 430 GT2, Philippe Ribbens in de ETEC-Viper en Peter Versluis in de Ferrari 458 GT2. Van dit groepje had Köhler het lastig in de regenachtige omstandigheden, waardoor hij al snel tot de vijfde plaats terugviel. De Ferrari’s waren bovendien ontketend, want Peter Versluis slaagde er al snel in om aan Philippe Ribbens voorbij te gaan waarna hij samen met Bert Longin weg kon rijden bij zijn achtervolgers. Diederik Sijthoff had ondertussen al wel een voorsprong van een tiental seconden.

Tussen de twee Ferrari’s werd het ook spannend, want Peter Versluis zette zijn teamgenoot Longin meer en meer onder druk en kon hem in de zevende ronde inhalen. Voor onder andere Jan Versluis en Berry van Elk was op dat moment de race al voorbij. Versluis was eraf gegaan in Eau Rouge en Van Elk had zijn Mosler met elektronica problemen in de pitstraat moeten parkeren. Na de pitstops viel Alex van ’t Hoff, die het stuur had overgenomen van koploper Diederik Sijthoff, door zijn vele resultaatseconden twee posities terug. Van ’t Hoff kwam de baan op voor Robert de Graaff, die onbedoeld lang stil had gestaan bij de pitstop omdat ze problemen met de gordels hadden. De Graaff noteerde hierna echter snelle rondetijden en kon ronde na ronde naar Van ’t Hoff toerijden. De Graaff slaagde erin om na Eau Rouge de Corvette van Van ’t Hoff in te halen.

Aan de kop van het veld reden Peter Versluis en Bert Longin ook na de pitstops een solide stint, waardoor voor hun de eerste en tweede positie niet meer in gevaar kwam. Longin was na afloop dan ook zeer tevreden. “Ik ben enorm blij met deze dubbel voor het team, we hadden allemaal zo'n sterk weekend nodig. De race was echt niet makkelijk, zeker omdat ik met een defecte verwarming van de voorruit zat. Ik zag bij momenten echt niets, wat in de gegeven omstandigheden echt vervelend was. Ik heb me geconcentreerd op de tweede plaats en die ook veilig gesteld!” Robert de Graaff en Philippe Ribbens eindigden op de derde positie en deden hierdoor ook goede zaken voor het kampioenschap.

In de GT-divisie van de Supercar Challenge was het in de regen Jan van der Kooi die zeer snel onderweg was. De bestuurder van de Lotus Exige GT3 had een goede start van de race en reed vanaf zijn vierde positie in de klasse meteen naar de eerste plaats. Van der Kooi mengde zich daarna brutaal in de strijd met normaal gesproken snellere deelnemers uit de Super GT-divisie. Achter Van der Kooi was er tot de pitstops een spannende strijd tussen Nathan, Munemann en Henk Thuis. Van dit drietal was Munemann snel onderweg, en hij kon dan ook de V8Star van Nathan inhalen.

Na de pitstops kreeg de V8Star, waarbij Jaap van Lagen het stuur had overgenomen van Wolf Nathan, die tweede positie weer terug in handen omdat Munemann als gastrijder meer strafseconden had. Catsburg, die het stuur van Munemann had overgenomen, was zelfs teruggevallen tot de vijfde positie en had bovendien veel verkeer voor zich. Hierdoor waren zijn kansen op een goede klassering verkeken. Jaap van Lagen noteerde snelle rondetijden waardoor hij eigenlijk al snel de tweede plaats veilig kon stellen. De eerste plaats was echter niet haalbaar, omdat Lotus-coureur Van der Kooi sommige ronden zelfs de snelste auto op de baan was. Van der Kooi eindigde de race uiteindelijk zelfs als derde algemeen, achter de Ferrari’s van VeKa Racing. Een uiterst opmerkelijke prestatie dus.

Achter Van Lagen was er tot de slotronden een spannend gevecht tussen de teamgenoten Henk Thuis en Steve Vanbellingen. Thuis had lang de derde positie in handen, maar Vanbellingen zette Thuis elke ronde meer en meer onder druk. Thuis verkeek zich uiteindelijk in de busstop op een achterligger, kwam wijd de bocht uit waarna hij op het kunstgras terecht kwam. De BMW had hier geen grip waardoor Vanbellingen voorbij kon steken. “Ik heb net twee dagen rally in Ieper achter de rug en had even een moment van aanpassing nodig”, verklaarde Vanbellingen achteraf. “Vervolgens ben ik er tegen aan gegaan en in extremis en ondanks twee schuivers nog naar het podium gereden. Uiteraard ben ik heel tevreden, zeker na het moeilijke weekend op de Nürburgring.”

In de GTB-divisie had Nelson van der Pol een zeer goede start. De BRL-coureur kon al snel Kees Kreijne verschalken en sloeg meteen een gat naar zijn achtervolgers. Dit waren achtereenvolgens Kreijne, Erol Ertan en Charlie Frijns. Dit drietal had een spannend gevecht, waarbij Kees Kreijne zijn tweede positie tot de pitstops kon handhaven. Na de pitstops kon Jacky van der Ende, die het stuur van de BRL had overgenomen van Nelson van der Pol, zijn eerste plaats behouden en daarachter waren het Erol Ertan en Werner van Herck die de posities twee en drie bezetten. Van Herck was met zijn Mazda zeer snel in de regen en kon binnen een paar ronden Erol Ertan verschalken.

Daarna gebeurde er iets merkwaardigs, want de tijden van Jacky van der Ende werden langzamer en langzamer, waardoor hij uiteindelijk zelfs terugviel tot achter van Herck. Wat bleek, het gaspedaal van de BRL was afgebroken waarna Van der Ende op een merkwaardige manier de race voortzette. “Mijn gaspedaal brak af, maar bij ons loopt de gaskabel boven over het dashboard. Die rukte ik dus los, waarna ik de rest van de stint met mijn hand gas heb gegeven. Het was bijna niet te doen, omdat ik ook met die hand moest schakelen heb ik alleen maar in de derde en vierde versnelling gereden. Ik ben dan ook helemaal kapot”, verklaarde Van der Ende na afloop.

In de Supersport-divisie was Bert van der Zweerde in de regen een klasse apart. Bij de start van de race lag Ferry Monster op kop, met daarachter Peter Stox, Martin Webb en Bert van der Zweerde. Uit dit groepje was Marcel Norbart in de eerste ronde al weggevallen, want hij kampte met technische problemen waardoor hij voortijdig zijn auto in de pitstraat moest parkeren. Hierna begon Van der Zweerde zijn klasse in de regen te tonen. De bestuurder van de BMW M3 GTR was zeer snel en slaagde erin om in een paar ronden de eerste positie van Monster over te pakken. Van der Zweerde lag na een paar ronden zelfs al op de elfde positie algemeen, een uitzonderlijke prestatie voor een auto uit eigenlijk de laagste klasse in het veld.

Na de pitstops had Van der Zweerde de eerste positie nog steviger in handen gekregen omdat hij geen resultaatseconden had. André de Vries had het stuur overgenomen van Peter Stox en was op de tweede positie terug de baan opgekomen. De Vries kreeg achter zich aan Robin Monster in de RIWAL Seat en Marc Rooker in de tweede Seat van Monster Autosport. Verrassend was hierbij dat Marc Rooker, pas zijn tweede weekend rijdend in de Supercar Challenge met deze Seat SuperCopa, erin slaagde om Monster meer en meer onder druk te zetten. Rooker zorgde uiteindelijk zelfs voor een verrassing door zijn teamgenoot in te halen en de derde plaats te pakken. Rooker kwam zelfs nog dicht in de buurt van de BMW van De Vries, maar het lukte hem niet meer om ook deze auto te verschalken. Desondanks was de prestatie van Marc Rooker zeer knap. Smaakmaker van de race was echter Bert van der Zweerde, die met een grote voorsprong op de eerste plaats eindigde en uiteindelijk zelfs op de zesde positie algemeen over de finish kwam.

De volledige uitslag is te vinden via de site van Supercar Challenge die wij ook bedanken voor de tekst van de afgelopen twee races in Spa Francorchamps. De foto's zijn van NoSpeedLimits waarbij het volledige album hier te bekijken is.

 

10532641
Vandaag
Gisteren
Deze week
Afgelopen week
Deze maand
Afgelopen maand
All days
8978
9746
28298
10432803
190102
257487
10532641

Vrienden van NoSpeedLimits.nl

iCagenda - Calendar

ma di wo do vr za zo
1
2
3
4
5
6
7
8
9
10
11
12
13
14
15
16
17
18
19
20
21
22
23
24
25
26
27
28
29
30
Ga naar boven